
6-3-6 rotatiedrill
De stap van de losse armhaal naar doorzwemmen, met de rotatie die blijft staan.
Hoe je hem uitvoert
6 beenslagen op de zij, 3 armhalen, 6 beenslagen op de andere zij. De vervolgstap op 6-1-6, en de laatste voor normaal zwemmen. 25 tot 50 m.
Waar het meestal misgaat
Bij drie halen achter elkaar zakt de rotatie het eerst weg. Zakt hij, ga dan terug naar 6-1-6 in plaats van door te zetten.
Waar in je training hij hoort
8 tot 12 keer 50 meter, waarbij je 25 meter de oefening doet en 25 meter normaal zwemt met hetzelfde gevoel. Die tweede 25 is het belangrijkste deel: daar breng je over wat de oefening je liet voelen.
Welke fout hij aanpakt
Onvoldoende rotatie
middenTe zien aan: Het lichaam blijft vlak, armen zwaaien om het lichaam heen in plaats van er overheen.
Gevolg: Kortere slag, meer schouderbelasting. Kenmerkend voor het Swinger-type.
Lage elleboog in de recovery
laagTe zien aan: De arm zwaait laag en zijwaarts over het water in plaats van met hoge elleboog.
Gevolg: Verstoort de balans en hangt vaak samen met te weinig rotatie.
Waar dit op steunt
- [B10] Swim Smooth: Swim Types classificatie· COACH
- [B35] Slagfouten bij borstcrawl voor triatleten· COACH
De volledige bronnenlijst staat op de onderbouwingspagina.

Train je voor een triatlon?
Dan krijg je een schema dat terugtelt vanaf je wedstrijd en past in jouw week, ook rond je clubtrainingen. Twee minuten vragen beantwoorden en het staat klaar. Je eerste maand is gratis.