Zwemmer in een wedstrijdbad
Alle fouten bij zwemmenZwemmen · techniekfout

Te lange glijfase (overgliding)

Zeer lage slagentelling, duidelijke dode fase vooraan de slag, het lichaam vertraagt tussen de slagen.

Waaraan je het ziet

Zeer lage slagentelling, duidelijke dode fase vooraan de slag, het lichaam vertraagt tussen de slagen.

Wat het je kost

Snelheidsverlies tussen de slagen dat telkens opnieuw overwonnen moet worden. Kenmerkend voor het Overglider-type.

Wat je eraan doet

D23

Slagritme op een piepertje (tempotrainer) of op de grote klok

Slagfrequentie verhogen bij wie na elke slag te lang uitglijdt; ritme opbouwen.

Vast ritme aanhouden op een hoorbare of geklokte cadans, geleidelijk 2-4 slagen per minuut opvoeren over meerdere weken.

Let op: Dit is de correctie voor een te lange glijfase. Slaglengte mag licht dalen zolang de snelheid stijgt.

D15

Tempotrap (build)

Slagfrequentie verhogen zonder slaglengte te verliezen.

4 × 50 m, elke 50 m iets sneller, slagentelling per baan noteren. Doel: sneller worden met maximaal 1 slag meer per baan.

Let op: Als de slagentelling sterk oploopt, is de snelheidswinst schijn.

D14

Slagentelling plus tijd (SWOLF)

Efficiëntie beoordelen zonder in de valkuil van alleen slaglengte te trappen.

Tel slagen per 25 m en klok de tijd. Tel beide op. Lager is beter, maar alleen bij gelijk tempo vergelijkbaar.

Let op: Vergelijk alleen met de eigen eerdere waarden, niet met andere zwemmers.

D32

Doorhalen tot langs de heup

De haal afmaken. Wie halverwege zijn dij loslaat, gooit het makkelijkste deel van zijn voortstuwing weg.

Zwem normaal, maar laat je duim je dijbeen raken voordat de arm naar voren komt. Tel in gedachten hoeveel slagen per baan je het volhoudt. 25 tot 50 m.

Let op: De elleboog blijft hoog tijdens de haal; alleen de laatste duw is met een gestrekte arm. Niet met een rechte arm van voor naar achter roeien.

D41

Halve inhaalslag (front quadrant)

De stap van de inhaalslag naar gewoon zwemmen: de armen overlappen voor het hoofd, zonder stil te liggen.

Hele slag. De voorste hand begint aan de grip zodra de andere hand voor het hoofd het water in gaat, dus niet pas als hij aantikt. 50 m.

Let op: Er ligt nooit een arm stil. Voelt het als wachten, dan zit je weer in de inhaalslag; voelt het als molenwieken, dan begin je te vroeg.

Kijk hier eerst naar

In de aanpakvolgorde staat zwemt niet rechtdoor hiervóór. Fouten worden niet op ernst gesorteerd maar op afhankelijkheid: zolang die er nog zit, landt het werk aan deze fout maar half.

Waar dit op steunt

  • [B10] Swim Smooth: Swim Types classificatie· COACH · bron bekijken
  • [B14] Slagfrequentie versus slaglengte· PEER · bron bekijken
Een atleet komt over de finish

Train je voor een triatlon?

Dan krijg je een schema dat terugtelt vanaf je wedstrijd en past in jouw week, ook rond je clubtrainingen. Twee minuten vragen beantwoorden en het staat klaar. Je eerste maand is gratis.